ZenActueel:
Iedere dag inspiratie voor een zenvol leven
Heb geen hoop
Door Vincent Valentijn /
Zen.nl Den Bosch / 26 februari 2026
In dit artikel beschrijft Vincent hoe hij ontdekte dat er twee aspecten zijn aan het loslaten van hoop en wat dit met zen te maken heeft.
Eind vorig jaar woonde ik een lezing bij van de bekende filosoof Slavoj Žižek. Zijn lezing
Living at the End of the World ging over leven in een tijd waarin verschillende crises samenkomen en over de vraag hoe we ons daartoe verhouden, persoonlijk en maatschappelijk.
Ik luisterde aandachtig en geconcentreerd, ook omdat hij door zijn manier van spreken en de galm in de Zuiderkerk niet altijd goed verstaanbaar was. Tegen het einde van zijn verhaal, waarin hij ook het gesprek met het publiek aanging, kwam zijn voorlopige conclusie: “Heb geen hoop.” Ik sprong haast van mijn stoel.
Niet omdat het zo spectaculair was, maar omdat ik die uitspraak meteen herkende. Afgelopen jaar hebben we in onze zengroep gewerkt met het boek
Verwacht geen applaus van Arthur Nieuwendijk. Eén van de oefeningen daarin, die me toen ook al greep, heet precies zo: Heb geen hoop. Twee verschillende werelden, maar op dat moment raakten ze plots met elkaar vervlochten.
In het boek van Arthur, dat gebaseerd is op de 59 Lojong-aanwijzingen, beschrijft hij ‘heb geen hoop’ als een aanmoediging die gemengde gevoelens kan oproepen. Enerzijds kan het afscheid nemen van hoop bevrijden van verwachtingen en de bijbehorende teleurstellingen. Anderzijds kan het ook voelen alsof je het idee opgeeft dat spontane positieve verandering mogelijk is. En dat is precies de verwarring: verandering ís zeker mogelijk, maar niet dankzij hoop op zichzelf.
We beoordelen alles voortdurend: goed of fout, opzoeken of vermijden, vervelend of fijn. Juist dat houdt ons weg van het werkelijk beleven van het huidige moment. Stoppen met hopen en beginnen met ervaren: juist dán ontstaat er vertrouwen en ruimte voor verandering.
Bij Žižek hield het hebben van hoop vooral een scherpe kritiek in op hoe we met crises omgaan. Het was zijn stok om mee te slaan. Hoop kan een excuus zijn om verantwoordelijkheid te ontwijken of uit te stellen: het idee dat het later wellicht beter wordt, maar ook en vooral dat we geen invloed hebben op wat er in de wereld gebeurt. In die zin is hopen de impuls die het ons mogelijk maakt te negeren en maskeren dat we lijden. In dat verband zei hij ook:
word niet verliefd op je lijden. Zodra lijden onderdeel wordt van je identiteit, of van een verhaal over de toekomst, blijft het in stand.
Op dit punt raken zen en de boodschap van Žižek elkaar alsnog en biedt het een dieper inzicht in 'heb geen hoop’. Beiden waarschuwen voor identificatie met lijden. Maar waar Žižek tegen het lijden ageert is het iets wat je in zen juist leert te accepteren. Lijden is er, maar... je hoeft er niet mee samen te vallen. Hoop kan die identificatie versterken, vooral wanneer hoop betekent dat we het huidige moment liever niet willen dragen.
Geen hoop hebben betekent dan dus niet dat je niets verwacht of niets doet. Het betekent handelen zonder garantie. Zonder de belofte dat het goed zal aflopen. Je neemt verantwoordelijkheid voor wat je doet, hier en nu, en laat het resultaat los. Zo voelt hoop loslaten niet als nihilisme, maar vertrouwen in de toekomst zonder te hechten aan een belofte.
Misschien is dat de praktische les die beide benaderingen delen: stop met wachten op betere omstandigheden, maskeer het lijden niet. Kijk wat er nu te doen is, en doe dat zo zorgvuldig mogelijk. Als je werkelijk in het hier en nu kunt zijn met wat er is, is er geen hoop meer nodig.
Voor mij was dit een verrassend en interessant perspectief op het niet hebben van hoop. Dit inzicht deel ik dan ook zonder specifiek doel maar met het volste vertrouwen dat het zijn weg zal vinden.