whatsapp
 

 

ZenActueel:
Iedere dag inspiratie voor een zenvol leven




Zen.nl, Zen, meditatie, leren mediteren, Rients Ranzen Ritskes, zenmeester, bubbels, Zeigarnik, aandacht, afgerond, spanning, achtergrond, vergeten, taken, brein, loslaten, afsluiten, doorzien, ambitie, doelen, onrust, keuzes maken, ruimte


Over bubbels en het Zeigarnik effect



Door Rients Ranzen Ritskes / Zen.nl Nederland / 23 april 2026

Mijn moeder zei altijd: maak af waar je aan begint. Dat moest ze vaak zeggen, want daar was ik niet goed in. Nu weet ik dat het voor mijn schoolcarrière beter was geweest als ik naar had geluisterd. Want Zeigarnik ontdekte dat onafgemaakte dingen ‘blijven hangen’ en dus bubbels vormen. Onafgemaakte zaken blijven als bubbels plakken, niet alleen op je bureau, maar ook in je hoofd.

Een bubbel is iets wat nog niet verwerkt of rond is: een mail die je nog moet beantwoorden, een gesprek dat je uitstelt, een besluit dat je niet neemt, een belofte die nog openstaat. Elke bubbel vraagt aandacht en zolang hij niet wordt doorzien of is afgerond, blijft hij aanwezig in je bewustzijn. Niet altijd op de voorgrond, maar wel als een subtiele spanning op de achtergrond.

De psychologe Bluma Zeigarnik (foto) ontdekte dit verschijnsel bijna een eeuw geleden, daarom draagt dit fenomeen haar naam. Zij ontdekte voor die tijd iets bijzonders, namelijk dat mensen onafgemaakte taken beter onthouden dan afgeronde taken. Het verhaal gaat dat zij in een café zat en iets opmerkelijks zag. Obers die zonder iets op te schrijven moeiteloos een lange reeks bestellingen onthielden. Wie wat had besteld, wie nog moest afrekenen, welke tafel nog openstond. Alles zat in hun hoofd, ogenschijnlijk zonder moeite. Maar wat haar in het bijzonder opviel, gebeurde daarna. Zodra een tafel had afgerekend, leek de ober diezelfde informatie vrijwel direct te vergeten. Wat een paar minuten daarvoor nog glashelder aanwezig was, was ineens verdwenen. Alsof het simpelweg niet meer bestond. Zoals je ook veel mensen hebt die tot het examen alles onthouden en het daarna allemaal vergeten.

Dat bracht haar op een idee.

In haar experimenten liet ze mensen allerlei taken uitvoeren, waarvan een deel bewust werd onderbroken. Vervolgens keek ze wat mensen zich herinnerden. Steeds opnieuw bleek hetzelfde: onafgemaakte taken werden beter onthouden dan afgeronde taken. Wat niet af is, blijft actief. Dat is geen fout van het brein, maar juist een slimme eigenschap. Wat nog niet afgerond is, wordt als relevant beschouwd en daarom vastgehouden. Zoals die ober die alles onthoudt zolang er nog niet is afgerekend, en het moeiteloos loslaat zodra het rond is.

Maar hoewel dit functioneel is, werkt het in ons dagelijks leven ook vaak tegen ons. We leven vaak niet met een paar bubbels, maar met tientallen, soms honderden tegelijk. Kleine praktische zaken, grotere beslissingen, emotionele kwesties, onverwerkte emoties, sociale verplichtingen en plannen voor de toekomst lopen door elkaar heen en blijven allemaal actief. Te veel bubbels waardoor je aan het einde van de dag het gevoel hebt weinig gedaan te hebben en toch moe te zijn. Niet door wat je hebt gedaan, maar door alle bubbels.

Het probleem is dus niet dat onafgemaakte dingen blijven hangen, maar dat er te veel blijft hangen wat nog niet is afgesloten. Dat brengt ons bij een interessante paradox. Je zou kunnen denken dat de oplossing is om alles af te maken, maar zo werkt het niet. Het brein vraagt niet zozeer om het afronden van de taak zelf, maar om het afronden van de spanning die ermee samenhangt.

Die spanning kun je op verschillende manieren afsluiten. Je kunt iets daadwerkelijk doen en afronden. Dat is wat mijn moeder adviseerde en ook een goede gewoonte is. Je kunt ook besluiten wanneer en hoe je het gaat doen. Als je daar een concreet plan van maakt, helpt dat en voor je brein voelt het dan als afgerond. Of je kunt besluiten dat iets niet hoeft en dus kun je het bewust loslaten. In alle drie de gevallen verdwijnt de onafheid van de bubbel. Het gaat er dus niet om dat alles af moet, maar dat de bubbels doorzien worden en bewust een plekje krijgen. Of zoals ik het altijd zeg; ‘bubbels zijn geen probleem, alleen het teveel eraan’.

Dat inzicht werpt ook een ander licht op ambitie en grote doelen. We kennen allemaal mensen die zich inzetten voor iets groots, soms zelfs ogenschijnlijk onmogelijks, zoals het redden van het milieu of het bijdragen aan duurzaam geluk van alle levende wezens. Op het eerste gezicht lijken dat enorme bubbels die nooit gesloten kunnen worden. Toch raken deze mensen vaak niet verstrikt in hun eigen streven. Zo’n doel functioneert niet als een onafgemaakte taak, maar als een richtinggevende bubbel die hun handelen ordent.

Het verschil zit erin dat zo’n grote bubbel die richting geeft steeds wordt vertaald naar concrete, afrondbare stappen. Een gesprek, een keuze, een handeling. Die stappen worden genomen en afgesloten. Daardoor blijft de missie bestaan en worden concrete stappen afgerond. Dat is iets anders dan wat er gebeurt wanneer iemand 'alles wil'. Dan is er geen heldere richting, maar een verzameling half-afgemaakte intenties zonder structuur. Niet de omvang van het doel, maar het aantal openstaande bubbels bepaalt de ervaren druk. Veel jongeren lijken dit vandaag de dag te ervaren: ze kunnen alles, willen alles, maar maken in verhouding tot hun mogelijkheden weinig af. De paradox is dus dat een groot doel rust en structuur geeft, terwijl veel kleine onafgemaakte bubbels juist onrust veroorzaken.

In de zenpraktijk wordt dit mechanisme direct zichtbaar. Zodra je gaat zitten en je aandacht richt op je ademhaling, verschijnen de bubbels vanzelf. Gedachten over wat nog moet, wat nog openstaat, wat je had moeten doen. De neiging is om daar iets mee te doen, om ze op te lossen of weg te duwen. In zazen gebeurt het tegenovergestelde. Je ziet je bubbels in je denken opkomen en weer gaan en zo doorzie je ze steeds beter en kun je betere keuzes maken. Sommige dingen besluit je af te maken en sommige wensen los te laten. Zo ontstaat er ruimte voor wat er werkelijk toe doet.